Niels Hagen, een persoonlijk filosofisch weblog

Over: duurzaamheid, film, kunst, liefde, literatuur, muziek, politiek, sport en wetenschap

Verkennen voor verdieping – Overpeinzingen na VPRO’s Boeken: Frank en Maarten Meester

Gooi je tv het raam uit en lees Aristoteles’ Ethica Nicomachea. Volgens de gebroeders Meester is dit het begin voor een gelukkig leven. Met deze stelling positioneren zij zich midden in de traditie die de deugdethiek genoemd wordt. De deugdethiek benadert de ethische vraag wat de mens moet doen als zijnde de vraag hoe een goed leven geleid wordt. Het goede leven is gekoppeld aan een gelukkig, dat wil zeggen, een gelukt dan wel geslaagd leven. Door uit te gaan van een bepaald mens- en wereldbeeld kan vervolgens worden vastgesteld wat een mens moet doen om te slagen, te gelukken, en zodoende een gelukkig te leiden. Een probleem voor het handelen volgens de Ethica Nicomachea is dat er duizenden, zo niet miljoenen interpretaties, herformuleringen en kritieken op dit werk zijn welke de theorie zelf op zijn minst in een ander perspectief neerzetten. De vraag die gesteld moet worden is waarom we zouden beginnen bij Aristoteles meesterwerk en niet bij een recenter werk, om context te scheppen opdat dit Griekse werk in een hedendaags perspectief gelezen kan worden.

Wetenschap

Voor ons “postmodernen” is het mens- en wereldbeeld sinds Aristoteles behoorlijk veranderd. Aristoteles gaat uit van een wereld die redelijk en geordend is. Daarnaast is de natuur zelf goed. Tegenwoordig kijken we daar anders tegen aan. De natuur is niet goed of slecht, redelijk en geordend. Zij is er gewoon. Dit is een probleem voor het vasthouden aan een deugdethiek als die van Aristoteles -alsmede voor iedere deugdethiek die uit gaat van een geordende, logische en goede natuur of één van deze punten. Daarom moet die geordende, logische en goede natuur worden losgelaten, indien we aan een deugdethiek willen vasthouden. In Leven is een kunst probeert Paul van Tongeren precies dat te doen.

Psychoanalyse

Van Tongeren richt zich in zijn boek op de psychoanalyticus Jacques Lacan, waarmee hij het zichzelf wellicht onnodig lastig maakt. In de wetenschap wordt Lacan namelijk niet zelden afgeschilderd als een bedrieger, charlatan, een Diederik Stapel. Toch ziet van Tongeren iets in Lacans interpretatie van wat de mens onderscheidt van dieren. Lacan richt zich niet op de feitelijke kant van wat de mens is, maar op de betekenis die de mens aan zichzelf toekent vanuit de interpretatie van feiten. Hij stelt dat waar dieren instincten hebben, de mens zich van dieren onderscheidt doordat dierlijke instincten psychische verlangens worden. Daardoor wordt de feitelijkheid van de natuur een wereld van betekenissen. Volgens Lacan zit in die overgang een verstorende breuk. De overgang van natuurlijke instincten naar psychische verlangens vat van Tongeren samen als een verbod. Dit verbod plaatst de natuurlijke instincten onder een wet, waardoor verlangens aan regels gebonden worden. Die wet maakt onderscheid tussen wat wel en wat niet geoorloofd is en schept regulerende verhoudingen. Door die wet wordt het dier mens, wordt hij uit zijn solitaire plek in het universum gehaald en lid van een verband, kudde, gemeenschap.

Nieuwe deugdethiek

Dit lijkt overeen te stemmen met wat Aristoteles zegt. Ook de Griekse filosoof stelt dat de menselijke gemeenschap ontstaat door communicatie via taal over betekenissen, over wat geoorloofd is, over wat goed is, wat mooi is enzovoorts. Toch zit er een belangrijk verschil. Voor Aristoteles komt dit alles voort uit een natuurlijke -en daarom goede- ontwikkeling. De psychoanalyse daarentegen ziet de gemeenschap niet als een voortvloeisel uit de natuur, maar juist als het product van een breuk met de natuur. Dit is belangrijk voor de ethiek. Wat goed is, is niet langer natuurlijk. Ruimte voor ethiek ontstaat pas na de breuk met de natuur. Een mogelijk nieuwe deugdethiek zou zich volgens van Tongeren bijvoorbeeld kunnen laten inspireren door Friedrich Nietzsche, niet toevallig de filosoof waar van Tongeren zelf veel onderzoek naar heeft gedaan. In zijn boek doet hij een eerste aanzet. Tevens blijkt dat meer onderzoek nodig is.

Waar te beginnen met lezen

Wat dit schetst is dat de deugdethiek niet na Aristoteles gestopt is. De deugdethiek neemt problemen binnen Aristoteles filosofie serieus en zoekt naar oplossingen voor die problemen. Zonder een gedegen inleiding is het lastig zo niet onmogelijk die problemen en daarmee die ethiek in de huidige context te plaatsen. Met de Ethica Nicomachea wordt meteen de diepte in gedoken, zonder dat men het gehele terrein van de deugdethiek verkend heeft. Een eerste verkenning leert ons dat Aristoteles’ theorie niet in haar geheel gekopieerd kan worden naar deze tijd. Daarnaast levert dat kennis op waarmee de Aristotelische deugdethiek in een hedendaags perspectief geplaatst kan worden. In Leven is een kunst poogt Paul van Tongeren dat te doen. Met dat boek als vertrekpunt kan vervolgens alsnog de diepte ingedoken worden in de ethiek van Aristoteles.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

Informatie

Dit bericht was geplaatst op 31 december 2012 door in Actualiteit, Filosofie, Leven en getagd als , , , , , , , , .
%d bloggers liken dit: